Posts tonen met het label artsenproef. Alle posts tonen
Posts tonen met het label artsenproef. Alle posts tonen

woensdag 12 juli 2017

Praktische info betrefffende Toelatingexamen 2017


Het officiële leerstofoverzicht en de inschrijvingsdata voor het toelatingsexamen 2017 zijn bekend! Graag willen wij u op de hoogte houden van alle praktische informatie: lees deze dan ook aandachtig en vergeet je zeker niet in te schrijven en tijdig te betalen!

Planning

Noteer alvast volgende data in je agenda:


Eerste examenmoment

Woensdag 1 maart 2017: start inschrijving
Maandag 15 mei 2017: uiterste inschrijvingsdatum
Maandag 24 mei 2017: uiterste betaaldatum
Dinsdag 4 juli 2017: eerste examenmoment
Woensdag 12 juli 2017: bekendmaking resultaten


Tweede examenmoment

Donderdag 13 juli 2017: start inschrijving
Maandag 31 Juli 2017: uiterste inschrijvingsdatum
Woensdag 9 augustus 2017: uiterste datum waarop de gelden binnen moeten zijn.
Dinsdag 29 augustus 2017: tweede examenmoment
Dinsdag 5 september 2017: bekendmaking resultaten

Praktisch

Locatie: Brussels Expo, Belgiëplein 1, 1020 Brussel
Inschrijving: Via de website van het toelatingsexamen. Je dient je aan te melden met een persoonlijk e-mailadres. Vervolgens ontvang je een paswoord dat je kan aanpassen. Houd dit paswoord zorgvuldig bij. Je bent pas succesvol ingeschreven wanneer de betaling tijdig en correct werd uitgevoerd. Let op: de aanvraag voor ondersteunende maatregelen dient apart te gebeuren. Voor meer informatie raadpleeg je de website.

Betaling:De kostprijs bedraagt 35 euro per examenmoment.
Nadat je je hebt geregistreerd, krijg je een e-mail om het inschrijvingsgeld te betalen met vermelding van een gestructureerde mededeling. Houd rekening met de uiterste betaaldatum!

Wat was nieuw sinds 2016?

Planning: Het aantal vragen blijft ongewijzigd: 60 vragen voor KIW en 60 vragen voor IVV. De planning van het KIW-gedeelte verandert wel:
KIW deel 1 (voormiddag): 40 vragen. 10 vragen per wetenschappelijke discipline (wiskunde, fysica, chemie en biologie).
KIW deel 2 (namiddag): 20 vragen. 5 vragen per wetenschappelijke discipline (wiskunde, fysica, chemie en biologie).
Nadien volgt IVV, dat ongewijzigd blijft.

Duur: Het examen zal een half uur langer duren dan in 2015. Het start om 9u30 in plaats van 10u en duurt tot 17u15.

Inzage: De inzage gebeurt sinds vorig jaar digitaal (uitgezonderd de communicatieproef). 

Te kennen leerstof KIW

Wiskunde: beperkte wijzigingen
Fysica: diverse veranderingen, schrappingen, verduidelijkingen, toevoegingen
Chemie: diverse veranderingen, schrappingen, verduidelijkingen, toevoegingen; alsook diepgaander en gedetailleerder.
Biologie: diverse veranderingen, schrappingen, verduidelijkingen, toevoegingen; alsook diepgaander en gedetailleerder. Verder is er ook een reorganisatie van de te kennen leerstof.

Een uitgewerkt overzicht van de te kennen leerstof vind je hier.

Vanaf 2018 zal het toelatingsexamen grondig wijzigen. Later meer hierover!

We zijn ook opnieuw van start gaan met ons online vragenforum, waarop je steeds terecht kan met je vragen.

We wensen je alvast heel veel succes met de verdere voorbereiding van het toelatingsexamen tijdens de zomer. Klik hier voor meer info over het Rebus Studiebegeleidingstraject.

Toelatingsexamen arts/tandarts: Niet geslaagd, wat nu?

Toelatingexamen arts/tandarts: Niet geslaagd, wat nu?

voorbereiding op toelatingsexamen geneeskunde 2017


Op 4 juli 2017 werd voor het 21ste jaar de toelatingsproef voor arts en tandarts georganiseerd in de paleizen van Brussels Expo. Ieder jaar kijken meer dan 5.000 studenten vol verwachting uit naar hun resultaat.

Ook dit jaar bestond het ingangsexamen uit twee delen, namelijk “Kennis en Inzicht in de Wetenschappen” (KIW) en “Informatie Verwerven en Verwerken” (IVV). Er werden in totaal 120 vragen gesteld: 60 vragen voor KIW en 60 vragen voor IVV.

De resultaten voor dit examen liggen in de lijn van de verwachtingen. Het examen was duidelijk minder moeilijk dan vorig jaar, en was ook goed opgesteld. De slaagcijfers liggen dan ook een pak hoger dan de voorbije jaren. In totaal slaagden 752 personen op 5.030 effectieve deelnemers voor het toelatingsexamen. Dit brengt het totale slaagcijfer voor juli 2017 op 15%. Dit zijn bijna 3% meer geslaagden dan juli 2017. In de referentiegroep (de deelnemers die 18 jaar zijn geworden en worden in 2017, en die in 2016-2017 in het laatste schooljaar secundair onderwijs in Begië zitten) slaagden 449 deelnemers of 21%. Het slaagcijfer ligt hier 7% hoger dan vorig jaar. Enkel de buitenlanders scoren minder goed: 6% geslaagd ten opzichte van 7,6% vorig jaar (dit jaar waren er opvallend meer Nederlanders onder de deelnemers). Wij feliciteren graag alle geslaagden! Ze hebben dit meer dan verdiend. En uiteraard een heel groot compliment voor iedereen die heeft meegedaan en zich volledig heeft ingezet. Zij verdienen een tweede kans op dinsdag 29 augustus.

Moeilijk toelatingsexamen in augustus 2016 – wat kunnen we hieruit leren?
De laatste jaren is er wat ophef ontstaan rond dit ingangsexamen omdat de slaagcijfers aan de lage kant waren, veel studenten hun uitslag aanvechtten en er vaak discussie ontstond in verband met vraagstelling en antwoorden.

Vorig jaar was er ons inziens terechte kritiek over de moeilijkheidsgraad van het examen. Vooral wiskunde was in augustus 2016 een stuk moeilijker dan vroegere edities. Juli 2016 was volgens ons niet echt moeilijker, maar wel anders dan vorige edities. Om die verandering en hoge moeilijkheidsgraad op te vangen en toch voldoende kandidaten te laten doorstromen naar de opleiding arts en tandarts besliste de examencommissie om voor de beide examenmomenten (juli en augustus 2016) 3 bijkomende punten toe te kennen, gelijk verdeeld over de beide onderdelen. Een student slaagt voor het ingangsexamen als hij voor beide onderdelen (KIW en IVV) slaagt (minstens 10 op 20 haalt) en in totaal voor beide onderdelen samen minstens 22 op 40 scoort.

Een gemakkelijk examen in juli betekent niet noodzakelijk een gelijkaardig examen in augustus. Wil je je kansen verder optimaliseren, neem dan geen enkel risico en probeer je zo goed mogelijk voor te bereiden tijdens de zomer, al dan met professionele ondersteuning. 

Waarom is het toelatingsexamen voor veel studenten een zeer zware hindernis?
Het toelatingsexamen bevraagt de leerstof van de 2de en 3de graad secundair voor de vakken wiskunde, fysica en scheikunde, samen met de leerstof van biologie van de 3de graad.
Voor leerlingen uit een goede wetenschappelijke studierichting (wetenschappen-wiskunde 6u of meer of aanverwante studierichting) is deze leerstof absoluut niet moeilijk. Er moeten geen nieuwe onderwerpen gekend worden, enkel de vroeger geziene leerstof herhalen.

Wij onderkennen 5 factoren die een serieuze invloed hebben op het slaagcijfer:

  • ·      De omgevings factor
Dit jaar namen opnieuw meer dan 5000 studenten (5.048) deel aan het examen op Brussels Expo. Dit is dus een groots opgezet evenement dat bijzonder veel indruk nalaat op een leerling uit het secundair onderwijs. Enige stress is dus niet vreemd.

  • ·      Tijdsdruk
Er moeten 120 vragen worden opgelost, waarvan 60 voor KIW. De deelnemers beschikken over 4,5 minuten per vraag. Niettegenstaande het rekenwerk duidelijk vermindert, is een goed time-mangement uiterst belangrijk.  De kennis moet paraat aanwezig. Veel tijd om na te denken is er niet.

  • ·      Rekenmachine
Studenten mogen geen rekenmachine of andere hulpmiddelen gebruiken op de toelatingproef terwijl ze tijdens hun studies secundair onderwijs altijd een rekenmachine hebben gebruikt. Dit vraagt een duidelijke aanpassing tijdens de voorbereiding en op het examen.

  • ·      De hoeveelhied leerstof
Dit is voor ons de allerbelangrijkste en meest onderschatte factor. In totaal gaat het om 4 jaar leerstof (3de tot en met 6de middelbaar) voor de vakken wiskunde, fysica, scheikunde en 2 jaar voor biologie (5de en 6de). Als we alles bij elkaar tellen komen we uit op 42 trimester leerstof voor de 4 vakken samen. Dit is echt gigantisch voor een student secundair onderwijs. 

  • ·      Het examen is Multiple Choice
Dit betekent dat men de leerstof nog beter moet kennen dan voor een ‘open vragen examen’/examen met open vragen. Twijfel slaat vaak toe bij meerkeuze mogelijkheden en is meestal een slechte raadgever voor studenten. Vrouwelijke studenten hebben het daar schijnbaar lastiger mee dan hun mannelijke collega’s, volgens onderzoekers aan de VUB. Daarbij komt een negatieve giscorrectie, waardoor een foutief antwoord heel erg fout is, daar 33% van de punten afgetrokken wordt.

De leerstof voor het toelatingsexamen is dus niet moeilijk maar wel zeer veel en je moet het zeer goed kennen!

Hoe kan  ik  slagen tijdens het tweede examenmoment op 29 augustus 2017?
VOORBEREIDING is cruciaal! Om de volledige leerstof perfect onder de knie te krijgen heeft een student gemiddeld 300 uur studeertijd nodig. Aan een gemiddelde van 8 uur per dag kom je al snel bij 37 dagen. Dit betekent minstens vijf weken!

Starten met je voorbereiding op 24 juli is dus aangewezen als je de slaagkansen optimaal wil houden. Dit is ook de datum waarop wij starten met onze groepslessen.  Je kan de stof misschien op een kortere tijdspanne 'blokken', maar gezien het om wetenschapsvakken gaat, heb je meer verwerkingstijd nodig.

Vanaf 2018 wijzigt het toelatingsexamen grondig.
Minister van Onderwijs Hilde Crevits heeft voor volgend jaar een aantal belangrijke wijzigingen aangekondigd: een apart examen voor geneeskunde en tandheelkunde en een numerus fixus (enkel de best gerangschikten gaan door) in plaats van een numerus clausus (de geslaagden gaan door). Daarnaast zijn ook inhoudelijke aanpassingen (bijvoorbeeld handvaardigheden voor tandartsen) mogelijk. Deze wijzigingen moeten nog goedgekeurd worden door een commissie en de Vlaamse Regering. Meer nieuws wordt verwacht begin volgend jaar en we houden jullie graag op de hoogte!

Tot slot willen wij jullie allemaal een hele aangename zomer toewensen en voor degenen die gebruik gaan maken van het tweede examen moment: heel veel succes en jullie kunnen uiteraard altijd bij ons terecht voor vragen en ondersteuning via ons vragenforum!


Jan Bruwier
Hoofdverantwoordelijke Rebus Studiebegeleiding Leuven en Kortrijk

0475/25.50.70

donderdag 4 september 2014

Toelatingsexamen (tand)arts: Waarom slagen zo weinig studenten?

toelatingsproef geneeskunde ingangsexamen arts tandarts toelatingsexamen rebus studiebegeleiding jan bruwier
Dinsdag werden de resultaten bekend gemaakt van het tweede toelatingsexamen (tand)arts: 17,5% geslaagd. Over de beide zittijden samen zijn in totaal 18,7% geslaagd. Uit de norm groep (Belgische deelnemers die in 2013-14 in het laatste studiejaar secundair onderwijs zitten) slaagden slechts 22,2%. 


Wat maakt slagen voor dit examen zo moeilijk?

Recent onderzoek aan de VUB (onderzoeksgroep TOR) geeft aan dat de voorbereiding (via zelfstudie, voorbereidingslessen aan de universiteiten of begeleiding in het secundair onderwijs) van de student geen invloed heeft op het slaagcijfer. Wij zijn het niet helemaal eens met deze bevindingen en zouden graag (op basis van onze ervaringen gedurende de afgelopen 17 jaar) een paar punten naar voren willen brengen die volgens ons een belangrijke rol spelen.

“Voor het toelatingsexamen is de wil om  te slagen belangrijk, maar nog veel belangrijker is de wil om zich goed voor te bereiden.” Jan Bruwier

Voorbereidingslessen aan de universitaire faculteiten

De voorbereidingslessen aan de meeste faculteiten staan helaas te laat op de universitaire agenda (vanaf februari of tijdens de paasvakantie) en bieden voor de meeste studenten niet de vakinhoudelijke kennis en inzicht die nodig zijn om te slagen. Ze krijgen een algemeen overzicht van de te kennen leerstof samen met een aantal historische examenvragen. Gerichte hulp bij het vergroten van kennis en inzicht in de leerstof wordt meestal niet geboden.

 

Begeleiding in scholen secundair onderwijs

De begeleiding die scholen in  het secundair onderwijs aanbieden is zeer divers. Sommige scholen doen serieuze en structurele extra inspanningen om hun leerlingen voor te bereiden op het toelatingsexamen. Voorbeelden zijn het Sint Barbaracollege in Gent, Atheneum Veurne (om er maar een paar te noemen). Anderen organiseren sporadisch extra lessen. Echter, veel scholen bieden geen extra ondersteuning. Leerlingen voorbereiden op één specifieke studie (arts/tandarts) behoort niet tot het takenpakket van een school. We kunnen dus enkel lof hebben voor scholen en leerkrachten die extra inspanningen leveren om hun leerlingen zo goed mogelijk voor te bereiden op het toelatingsexamen.

Echter, een belangrijke ontwikkeling in het onderwijs met een jammer genoeg (samen met ander factoren) negatieve impact op het slaagcijfer is de democratisering van het onderwijs: in de veronderstelling dat elke leerling een diploma moet kunnen halen, legt men de lat lager met diegenen die het minst goed presteren als uitgangspunt. Uit onze eigen ervaring blijkt dat de basisvaardigheden van leerlingen op het gebied van wetenschappen de laatste decennia dalen. Dit wordt versterkt door het inzetten van leerkrachten die soms zelf niet over de wetenschappelijke achtergrond beschikken die nodig is om wetenschapsvakken (met name fysica en scheikunde) te onderwijzen. Dit is iets wat waarschijnlijk ook kan worden verklaard door ontwikkelingen in het onderwijs en de opleiding tot leerkracht in het bijzonder, maar: wat de school niet (goed) doet, moet de student uiteindelijk zelf doen….

 

De cruciale rol van zelfstudie en persoonlijke voorbereiding

Het toelatingsexamen arts/tandarts bestaat uit twee delen: kennis in wetenschappen of KIW (wiskunde, fysica, scheikunde en biologie) en informatieverwerking of IVV (stilleesteksten en communicatieproef).

Grote hoeveelheid leerstof komt samen in één examen: 

  • Het KIW gedeelte bevat leerstof uit vier studiejaren (derde, vierde, vijfde en zesde middelbaar) voor wiskunde, fysica en scheikunde. Voor biologie enkel uit vijfde en zesde middelbaar. Dit is bijzonder veel leerstof die samenkomt in één examen, een multiple-choice examen met een tijdsbeperking van drie uur.
  • De meeste leerlingen uit het secundair onderwijs studeren zeer gefragmenteerd: van trimester tot trimester. Op een toelatingsexamen komt de stof van vier vakken samen in één examen of in totaal 42 trimesters leerstof wetenschappen.
  • Het toelatingsexamen is niet echt een moeilijk examen. Maar wel een examen over een zeer grote hoeveelheid leerstof.

Het examen is multiple choice

  • Multiple choice betekent dat men de stof nog beter moet kennen dan voor een examen met open vragen. Door de vraagstelling en de antwoord keuzemogelijkheden slaat ook de twijfel toe: meestal geen goede raadgever voor studenten. Meisjes zouden volgens de voorgenoemde studie aan de VUB benadeeld zijn (ze gokken minder snel dan jongens). Dit is niet noodzakelijk een nadeel. Wij raden onze studenten af om te gokken tijdens het KIW gedeelte. Het antwoord kan perfect berekend worden, dus moet er, in normale omstandigheden bij een voldoende aantal antwoorden, niet worden gegokt.

Tijdsdruk

  • Ook de tijdsdruk en het niet gebruik mogen maken van een rekenmachine spelen een belangrijke rol. Dit impliceert dat de kennis niet latent maar wel zeer paraat aanwezig moet zijn. Snel kunnen werken zonder rekenfouten maken is de boodschap.

Uit bovenstaande overwegingen, gebaseerd op onze ervaringen, blijkt dat de voorbereiding voor het toelatingsexamen via zelfstudie, eventueel aangevuld met externe hulp, van cruciaal belang is. Een student die zich niet goed heeft voorbereid, hoe verstandig ook, heeft weinig slaagkans!

Is het toelatingsexamen zelf dan niet goed?

Moet er ook gehoor worden gegeven aan de vragen die worden gesteld rond de kwaliteit van het toelatingsexamen voor arts en tandarts? Zeker, het is altijd goed om een constante kwaliteitscontrole uit te voeren, ook omdat tijden veranderen. Echter, wij zijn van mening dat het toelatingsexamen bewijst nuttig en degelijk te zijn, door de universiteiten in staat te stellen kwaliteitsvol onderwijs te realiseren voor gemotiveerde (tand)artsen in spe. De slaagcijfers in het eerste bachelor geneeskunde en tandarts bewijzen dit en schommelen rond de 90%.

Het toelatingsexamen zelf is inderdaad door de jaren heen niet veel gewijzigd. In 1997 slaagden 49% van de studenten, nu 18,7%...De vraag in hoeverre dit te maken heeft met het toelatingsexamen zelf of met de manier waarop leerlingen in 1997 begeleid werden op het gebied van wetenschappen in scholen, samen met de hoeveelheid zelfstudie, kan hier terecht gesteld worden.

Een permanente evaluatie van het toelatingsexamen door een begeleidingscommisie en het verder ontwikkelen van beter geplande, gecoördineerde en realistische voorbereidingslessen, juichen wij toe. Wij willen hier graag, samen met andere partijen, aan bijdragen op basis van onze kennis en ervaring.

Leuven, 4 September 2014


Over de auteur: Jan Bruwier is hoofdverantwoordelijke van Rebus studiebegeleiding in Leuven en Kortrijk. Rebus begeleidde, sinds de invoering van het toelatingsexamen in 1997, al meer dan 500 studenten succesvol voor het toelatingsexamen arts en tandarts.

Wil je graag reageren in verband met dit artikel? Dit kan via email, Website, Facebook, Twitter, Google+ of onderaan deze blogpost.

woensdag 25 juni 2014

Gokken tijdens het toelatingsexamen arts/tandarts?

Het toelatingsexamen arts/tandarts is multiple choice:: kan ik gokken?

Naar aanleiding van het aankomende toelatingsexamen geneeskunde, stellen heel wat leerlingen zich vast vragen over de beste manier om een multiple choice examen aan te pakken. Hoeveel vragen vul je best in? Moet je gokken of niet? Moet je bij je eerste antwoord blijven of kan je nog veranderen? Op deze vragen zullen we ingaan in deze blogpost.

Ten eerste is het vooral erg belangrijk dat je op een multiple choice examen met foutcorrectie voldoende marge creëert om te kunnen slagen. De vragen op het examen zijn zo opgesteld dat er behoorlijk wat valstrikken in zitten, dus je kan nooit 100% zeker zijn dat je alles juist hebt. 50% invullen is dus niet voldoende, het is beter om naar een ruimer percentage te streven, bijvoorbeeld 75%.

Wat betreft het gokken, hierover zijn de meningen verdeeld. Bij exacte wetenschappen, is het beter om niet te gokken, daar je het antwoord meestal kan uitrekenen of beredeneren. Voor het IVV (informatieverwerking) -gedeelte, kan je overwegen om te gokken wanneer je twijfelt tussen twee antwoorden. Dit geeft statistisch gezien puntenwinst, daar een fout antwoord -1/3 oplevert, maar je 1 op 2 antwoorden juist zou moeten hebben en hiervoor wel een punt bij krijgt. Let wel, statistisch gezien betekent over een groot aantal vragen. Daar dit niet zoveel vragen zijn, kan je ook pech hebben bij het gokken. Tip: Bij de communicatieproef twijfel je meestal tussen twee antwoorden. Hier is het dan vaak ook mogelijk om alle vragen in te vullen en punten te scoren!

Ten slotte kan het soms wel nuttig zijn om je antwoord ter veranderen. Onderzoek wijst uit dat wanneer studenten hun antwoord aanpassen, ze vaker een fout antwoord vervangen door een correct antwoord dan omgekeerd (Geiger, 1996). De voorwaarde hiervoor is wel dat ze niet gokken dat het een fout antwoord is, maar een beredeneerde keuze maken om het antwoord te veranderen (Shatz & Best, 1987).

CONCLUSIE:
Probeer voldoende in te vullen, doch zonder al teveel te gokken. Lees je antwoorden en de vragen ook goed na om eventuele valstrikken te ontdekken en je redenering te controleren opdat je je antwoord eventueel nog kan aanpassen.

Bibliografie

Geiger, M. (1996). On the benefits of changing multiple-choice answers: Student perception and performance. . Education, 108-116.
Shatz, M., & Best, J. (1987). Students' reasons for changing answers on objective tests. . Teaching of Psychology, 241-242.


Over de auteur: Stephanie Theunissen, is psychologe en werkt momenteel als studiecoach voor het informatieverwerkingsgedeelte IVV van het toelatingsexamen arts/tandarts bij REBUS.

Wil je graag reageren in verband met dit artikel? Dit kan via email, Website, Facebook, Twitter, Google+ of onderaan deze blogpost.